Over mij

Toen ik 4 werd was mijn moeder dolgelukkig. Waarom? Ze was blij dat ik naar school kon en daar al mijn vragen kon stellen. Mijn ‘ge-­waarom?’ de hele dag dreef haar tot waanzin. Jaren later werd ik zelf moeder. Ruim een decennium geleden, werd mijn nu puberende dochter 1 jaar. Het leuke maar zware eerste jaar, waarin ik, zoals iedere ‘pas geboren ouder’, had moeten wennen aan een nieuw soort bestaan, had zijn tol geëist. Ik was doodmoe en mijn weerstand was ver onder het nulpunt gedaald. Ieder virus dat voorbij kwam pikte ik op, zodat ik om de haverklap ziek was. Lichamelijk en mentaal was ik zo uit balans dat ik vond dat ik er wat aan moest doen. Ik besloot yoga te proberen, met de gedachte dat ik weer moest leren ontspannen. Ik koos lukraak een praktijk uit het telefoonboek (toen nog van papier), kreeg een vrouw aan de lijn die aangaf dat ze ‘Japanse yoga’ gaf. Prima, dacht ik, als ik me er maar beter door ga voelen.

ik in zwart wit Houtlaan

foto – Seline Rundberg

Bij de eerste les was ik verkocht. Ik voelde me meteen al zo veel beter dan ik in tijden had gevoeld. Jaren ging ik door met de lessen en als ik ze even niet volgde, bijvoorbeeld in vakantietijd, dan miste ik het echt. Ik had de lessen nodig. Om uit het hoofd te komen en in mijn lijf.

Een enkele keer wilde ik wat meer weten over wat ik nou eigenlijk aan het doen was en waarom het me zo goed deed. Ik kwam erachter dat ‘Japanse yoga’ eigenlijk Do­-In heet. Maar die term zei de meeste mensen niet zo veel als yoga. Maar waarom nou specifiek deze oefeningen mij goed deden, daarover leerde ik niets. Ik moest maar gewoon ervaren.

Verdieping

Dat voelen en ervaren is heel goed voor mij geweest. Het bracht me weer in contact met mijn eigen lijf. Maar het kon de aard van het beestje niet veranderen. Ik wilde verdieping, mijn honger naar kennis was niet meer af te doen met alleen maar ‘ervaren’. Bovendien groeide er in mij een verlangen om mijn opgedane ervaring te delen met anderen. Als Do­-In zo goed was voor mij, dan kon het dat ook zijn voor vele anderen. Ik wilde het zelf graag doorgeven. Maar om dat te doen, vond ik wel dat ik antwoord moest vinden op mijn terugkerende ‘waarom­vraag’: waarom werkt dit systeem van oefeningen zo goed voor mij en niet om het even wat anders?

Enkele jaren geleden begon ik daarom aan de Nederlandse School voor Klassieke Shiatsu (NSKS) in Den Haag. Na twee leerjaren waarin wederom het voelen centraal stond, maar ook de kennis van de meridianenleer, kon ik in het derde jaar de Do­-In docentenopleiding als richting erbij doen. Mijn gevraag dreef ook hier soms de docenten tot waanzin. Maar ik vond heel wat antwoorden, met en zonder mijn docenten. Al is er altijd nog veel meer dat ik niet weet. Antwoorden op vragen die ik nog niet heb gesteld en nog meer antwoorden op vragen die nog niet in me zijn opgekomen. Want de wereld van de oosterse geneeskunde, die zo ontdekte ik, de bron was waaruit Do­-In is voortgekomen, bleek ook een bron van inspiratie en nieuwe inzichten voor mij. Het was en is voor mij als een schilderij dat stukje bij beetje wordt ingekleurd en een prachtig beeld ontwaard.

Al weet ik dus nog lang niet alles wat er te weten is en zal ik dit punt ook nooit bereiken, toch kan ik zeggen dat ik inmiddels veel kennis rijker ben. Echter, niet alleen kennis opgedaan met mijn verstand. Ik weet nu dat ‘weten’ niet alleen maar iets is dat je kunt met je verstand. Ook je lichaam ‘weet’. Een gezond lichaam weet wat het moet doen als er gevaar dreigt. Het weet wat het moet doen als je moet bevallen van een kind. Het weet wat het moet doen als het fysiek en/of mentaal is uitgeput. Het weet of je wat moet eten en of dat iets zoets, zuurs, zouts of bitter moet zijn. Het enige dat ik – en ik denk velen met mij – heb moeten leren, is hiernaar te luisteren. En dat is waarschijnlijk het belangrijkste dat Do-­In voor mij heeft gedaan. Ik heb mijn lichaam leren voelen, écht leren voelen. En steeds beter leer ik ernaar te luisteren.

Mijn lessen

In mijn lessen leer je waarom bepaalde oefeningen of acupressuurpunten goed voor je kunnen zijn, zodat je ook thuis weet wat je kunt doen om je lichamelijke en geestelijke gezondheid te voeden. Soms leg ik dat uit in woorden. Maar vooral ook laat ik je in de stilte van jezelf ervaren wat de oefeningen voor je doen. Hierin zoek ik steeds de balans. Door jezelf die aandacht te geven, zul je de taal waarin je lichaam zich uit, steeds beter begrijpen en ‘weten’ wat je kunt doen.